Met de komst van de Wet Arbeidsmarkt in Balans op 1 januari 2020 verandert de maximale duur waarin je als werkgever tijdelijke contracten mag aangaan met een werknemer. Op dit moment geldt de zogenoemde 3+2+6 regel. Oftewel maximaal 3 tijdelijke contracten in maximaal 2 jaar, waarbij elk contract met een tussenpoos van korter dan 6 maanden meetelt in deze keten. Per 1 januari 2020 wordt de periode van 2 jaar verlengd naar 3 jaar (dus de 3+3+6 regel). Dit betekent dat werkgevers een jaar langer de tijd krijgen om een afgewogen oordeel te maken of ze iemand een contract voor onbepaalde tijd willen geven.

Proeftijd
Om te bepalen of een nieuwe werknemer geschikt is voor je bedrijf kun je ook een proeftijd afspreken. Dat is alleen toegestaan in een contract van langer dan zes maanden. De proeftijd mag niet langer dan een maand zijn in een contract tot twee jaar. In de proeftijd kan zowel de werknemer als de werkgever de arbeidsovereenkomst per direct en zonder opgave van reden beëindigen. Toch is een maand wel héél kort om te zien wat voor vlees je in de kuip hebt. Vandaar dat het aan te bevelen is om daarnaast ook te (blijven) werken met tijdelijke contracten.

Twee keer verlengen
De totale duur van de tijdelijke contracten is vrij in te vullen, als ze samen maar onder de 36 maanden blijven. Je kunt bijvoorbeeld na de eerste 7 maanden twee keer verlengen met 14 maanden. Pas tegen het einde van het derde contract hoef je te besluiten of de werknemer goed past binnen het bedrijf, zodanig dat je een contract voor onbepaalde tijd aanbiedt.

visual-1

Directe ingang
Er is geen overgangsperiode. De nieuwe regels zijn dus meteen van kracht op 1 januari 2020.

Voorbeeld 1: Als je tussen 1 april 2018 en 1 november 2019 twee contracten hebt gehad en je wilt nog een derde contract aangaan, dan kan je -voor de totale maximale duur van alle contracten- al drie jaar aanhouden. Met de oude regels zou immers pas op 1 april 2020 een contract voor onbepaalde tijd ontstaan. Omdat die datum ligt na de inwerkingtreding van de nieuwe regels, ontstaat dan nog geen contract voor onbepaalde tijd. Als vóór 1 januari 2020 al een contract voor onbepaalde tijd is ontstaan, dan brengen de nieuwe regels daar geen verandering in.

Voorbeeld 2: Als je op 1 november 2017 een tijdelijk contract bent aangegaan voor 7 maanden (tot 1 juni 2018) en je vervolgens een contract voor 12 maanden bent aangegaan (tot 1 juni 2019) en je wenst nog een derde contract aan te bieden voor bijvoorbeeld 12 maanden (tot 1 juni 2020), dan is op 1 november 2019 al een contract voor onbepaalde tijd ontstaan. De nieuwe regels per 1 januari 2020 maken dat niet anders.

Goede administratie
Zorg voor een goed overzicht van de looptijd van je tijdelijke contracten. Bij een tijdelijk contract van zes maanden of langer moet je minimaal één maand voor de einddatum laten weten of je het wilt verlengen en zo ja, onder welke voorwaarden. Doe je dat niet (of te laat) dan ben je verplicht de werknemer als vergoeding (maximaal) een maand loon te betalen. Als je niets laat weten en de werknemer na de einddatum doorwerkt, wordt het contract vanzelf verlengd onder dezelfde voorwaarden en voor dezelfde periode (maar voor maximaal een jaar) als het aflopende contract.

Een goede overeenkomst
Leg de afspraken vast in een arbeidsovereenkomst. Met VraagHugo stel je deze heel eenvoudig via vraag en antwoord zelf samen. Dit kost je niet meer dan een kwartier. De overeenkomst is gemaakt door topspecialisten. Wanneer er wetswijzigingen zijn, krijg je hier automatisch een update van.